De controle op schijnzelfstandigheid verdwijnt niet, sterker nog, deze wordt aangescherpt. Met een nieuw minimumtarief van €38 per uur verschuift de bewijslast naar de opdrachtgever. Dit kan grote gevolgen hebben voor bedrijven die werken met zzp’ers. Ben jij voorbereid? We hebben mr. Jasper van der Voet (partner, Pellicaan Advocaten) om advies gevraagd.
De discussie over zzp’ers en schijnzelfstandigheid blijft volop in beweging. Recent ontstond verwarring nadat het kabinet aankondigde een groot deel van de omstreden zzp-wet (VBAR) te schrappen. Sommige werkgevers trokken hieruit de conclusie dat de regels rondom zzp-inhuur versoepeld zouden worden.
De realiteit is echter anders: de Belastingdienst blijft op schijnzelfstandigheid controleren, de eerste naheffingsaanslagen zijn opgelegd en de overheid zet tegelijkertijd stappen om kwetsbare werkenden beter te beschermen. Een belangrijk onderdeel daarvan is het nieuwe rechtsvermoeden van werknemerschap bij een uurtarief onder €38. Aldus mr. Jasper van der Voet (partner, Pellicaan Advocaten). Vooral in sectoren zoals logistiek, bezorging, transport en last-mile delivery heeft dit grote gevolgen.
De Belastingdienst controleert al langere tijd op situaties waarin iemand formeel als zelfstandige werkt, maar in de praktijk functioneert als werknemer. Denk bijvoorbeeld aan situaties waarin iemand:
In dergelijke gevallen kan er sprake zijn van schijnzelfstandigheid. Dat betekent dat iemand juridisch eigenlijk werknemer is, ondanks een zzp-contract.
Het kabinet heeft duidelijk gemaakt dat de handhaving op schijnzelfstandigheid gewoon doorgaat. Bedrijven die structureel werknemers als zelfstandige inzetten kunnen nog steeds te maken krijgen met:
Voor opdrachtgevers blijft het dus belangrijk om goed te beoordelen of er daadwerkelijk sprake is van zelfstandig ondernemerschap. De Belastingdienst blijft bedrijfsbezoeken afleggen en indien een bedrijf niet goed kan uitleggen waarom de werkenden echt als zzp’ers kwalificeren, dan resulteert dit simpelweg in een boekenonderzoek en – waarschijnlijk – een forse naheffingsaanslag.
Om de positie van zelfstandigen met lage tarieven te versterken, werkt het kabinet aan een nieuw instrument: het rechtsvermoeden van werknemerschap bij een uurtarief onder €38.
Dit betekent dat wanneer een zzp’er minder dan ongeveer €38 per uur verdient, deze persoon bij een rechter kan stellen dat hij of zij feitelijk werknemer is. De bewijslast verschuift dan naar de opdrachtgever.
De opdrachtgever moet vervolgens aantonen dat er toch sprake is van zelfstandig ondernemerschap. Lukt dat niet, dan kan de arbeidsrelatie alsnog worden aangemerkt als een dienstverband.
Het minimumtarief van €38 is bedoeld om zwakkere posities op de arbeidsmarkt te beschermen.
Zelfstandigen moeten namelijk zelf voorzieningen regelen zoals:
Bij lage tarieven is dit vaak nauwelijks haalbaar. Hierdoor ontstaan situaties waarin werkenden formeel ondernemer zijn, maar in de praktijk minder bescherming hebben dan werknemers.
Door het rechtsvermoeden bij lage tarieven wordt het voor deze groep makkelijker om werknemersrechten te claimen wanneer er feitelijk sprake is van een arbeidsrelatie. Denk in dat kader aan het met terugwerkende kracht betalen van loon en pensioen. Maar ook aan het opstellen van loonstroken en het afdragen van – jawel – sociale premies. Dit minimumtarief kan dus ook fiscale gevolgen hebben.
De nieuwe regels hebben naar verwachting grote impact op de logistieke branche. Veel logistieke bedrijven en platformorganisaties werken met zelfstandigen voor:
Voor bedrijven in de logistiek betekent dit dat het inzetten van zzp’ers tegen lage tarieven steeds risicovoller wordt.
Organisaties zullen daarom kritisch moeten kijken naar:
Met deze maatregelen probeert de overheid meer balans te creëren op de arbeidsmarkt. Zelfstandigen die bewust ondernemen moeten ruimte houden om dat te doen. Tegelijkertijd moeten mensen die feitelijk werknemer zijn ook de bescherming krijgen die daarbij hoort. Het arbeidsrecht is namelijk geen keuzerecht. Het is verplicht van toepassing indien iemand feitelijk kwalificeert als een werknemer.
De boodschap vanuit Den Haag is daarom duidelijk: zelfstandig werken kan, maar alleen wanneer het ook echt zelfstandig ondernemerschap is en er niet minder dan 38 euro per uur wordt betaald.
De gedachte dat de controle op schijnzelfstandigheid verdwijnt klopt niet. De handhaving blijft bestaan en bedrijven kunnen nog steeds te maken krijgen met naheffingen of boetes.
Met het rechtsvermoeden bij €38 per uur wil de overheid vooral kwetsbare werkenden beter beschermen. Voor sectoren zoals logistiek, transport en bezorging betekent dit dat het werken met zelfstandigen tegen lage tarieven steeds moeilijker wordt.
Lodewijk van Nooten
Founder en CEO Bikeshift
De beste bezorgers, beter geleverd!
Mr. Jasper van der Voet
Partner en Advocaat Arbeidsrecht, Pellicaan Advocaten
Gespecialiseerd in platformwerk, flexibele arbeid en schijnzelfstandigheid